Een terrarium is geen decorstuk, maar een leefomgeving. Reptielen en amfibieen zijn afhankelijk van temperatuur, licht, luchtvochtigheid en schuilplekken. Wie het terrarium goed inricht, voorkomt stress en maakt natuurlijk gedrag mogelijk.
Maak temperatuurzones
Veel reptielen hebben een warme plek en een koelere zone nodig. Met een warmtelamp, warmtemat of keramische heater kun je dit regelen, maar meten blijft essentieel. Gebruik thermometers en waar nodig een thermostaat. Zo kan het dier zelf kiezen waar het comfortabel is.
UV, verlichting en dagritme
Voor veel soorten is UVB belangrijk voor de calciumhuishouding. De juiste lamp, afstand en vervangingstijd verschillen per dier. Combineer UV met een logisch dag-nachtritme. Lees altijd de soortspecifieke behoeften, want een baardagame vraagt iets anders dan een gekko of schildpad.
Substraat, voer en verrijking
Substraat moet passen bij vochtigheid, graafgedrag en veiligheid. Voeg schuilplaatsen toe aan de warme en koele kant. Takken, stenen en planten zorgen voor structuur. Stem voer en supplementen af op soort, leeftijd en seizoen.
- Meet temperatuur en luchtvochtigheid op meerdere plekken.
- Vervang UV-lampen volgens advies, ook als ze nog branden.
- Kies substraat dat bij de soort past.
- Zorg voor minimaal twee schuilplekken.
Bekijk alle terrariumproducten: terrariumbenodigdheden.

